42 maanden cel geëist voor inbraakgolf Den Hoorn en Delft

Foto: Pixabay

Op 6 september en 11 oktober stond de derde verdachte op zitting van een groep (deels jonge) inbraak- en witwasverdachten die Den Hoorn en Delft zouden hebben geteisterd. Dossiers waarin zelfs uit een net verkoop klaar gemaakt huis de gordijnen van de muur werden getrokken die vervolgens natuurlijk niks bleken op te leveren. Vandaag moest een 31-jarige man uit Delft voor de rechter komen voor maar liefst 32 feiten.

Toen op 12 december vorig jaar in Den Hoorn een 17-jarige inbreker op heterdaad in de kraag werd gevat, kwam de zaak aan het rollen. In totaal werden vier verdachten opgepakt, waarvan twee minderjarig. Samen zijn ze goed voor 46 dossiers. Het gaat om inbraken en andere diefstallen die werden gepleegd in Den Hoorn en Delft, in de buurt van waar de verdachten zelf ook woonden.

Diverse locaties met gestolen waar

De 31-jarige man uit Delft wordt gelinkt aan 30 diefstaldossiers. Daarnaast staat hij terecht voor het tweemaal vernielen van een celdeur. Tijdens het onderzoek kwam de politie achter een tweede verblijfplaats van deze man in Den Haag. Naast het huis en de kelderbox van zijn ouders in Delft bij wie hij regelmatig verbleef en de opslagbox die hij huurde in Rijswijk, doorzocht de politie ook dit appartement in Den Haag. Op alle locaties werden gestolen spullen aangetroffen.

In het appartement in Den Haag lagen onder meer tientallen pasjes (bankpassen, ID-kaarten, rijbewijzen etc.). Deze waren terug te brengen op 20 aangiftes van diefstal in de periode van maart 2015 tot en met augustus 2018. Omdat niet kan worden bewezen dat deze verdachte deze diefstallen (waaronder een groot aantal woninginbraken) zelf heeft gepleegd, staat hij onder andere terecht voor het gewoontewitwassen van deze goederen.

Ernstig gedupeerd

In een drietal recente zaken kan volgens het Openbaar Ministerie wel bewezen worden dat hij daadwerkelijk (soms ook met anderen) de inbraken heeft gepleegd. Zoals in een woning die net piekfijn was gemaakt om de verkoop in te gaan. Samen namen de dieven tal van spullen mee waaronder een nep Nachtwacht, lampen die ze uit de plafonds trokken en dus de gordijnen. Dat al deze spullen onverkoopbaar bleken, leek ze vervolgens enigszins te verbazen.

De andere twee inbraken betroffen bedrijfsinbraken waarbij verdachte grote hoeveelheden elektrisch gereedschap van ZZP’ers buit maakte. Razendsnel wist hij deze goederen weer door te verkopen zodat hij zich zowel voor de inbraken als voor het gewoontewitwassen van de buit moet verantwoorden. Dat hij daarmee mensen ernstig dupeerde, interesseerde hem niet. Eén ZZP’er werd door de diefstal wekenlang van zijn broodwinning beroofd; hij was van al zijn gereedschappen bestolen. Verdachte appte de nacht van die inbraak dat het voor hem de “jackpot” was.

42 maanden cel

Jaren geleden heeft verdachte in het kader van een eerdere straf al een reclasseringstoezicht gehad. Toch heeft hij het criminele pad niet verlaten. Hij koos ervoor om zich nergens te laten inschrijven en geen legale bron van inkomsten te zoeken om zo schuldeisers te ontlopen.

Wat het Openbaar Ministerie betreft keert hij voorlopig nog niet terug in de maatschappij. De officier van justitieeiste een gevangenisstraf van 42 maanden tegen deze verdachte. Als hij na 28 maanden in aanmerking komt voor een voorwaardelijke invrijheidsstelling kan dan gekeken worden of er voorwaarden gesteld moeten worden aan zijn terugkeer in de maatschappij. Nu al bepalen dat er dan een reclasseringstoezicht moet komen is wat de officier van justitie betreft niet zinvol. ‘Verdachte weigert nu bij voorbaat al mee te werken, dan kan de Reclassering haar kostbare tijd beter steken in iemand bij wie het zin heeft.’

Andere verdachten

Eerder dit jaar stonden er al twee minderjarige verdachten voor de rechtervoor een heel aantal woninginbraken. Zij zijn voor alle tenlastegelegde feiten veroordeeld nagenoeg conform de strafeisen van de officier van justitie. Zij hebben de aan hen opgelegde jeugddetenties uitgezeten en staan inmiddels onder een strak toezicht van de jeugdreclassering.

De voorlopige hechtenis van de vierde verdachte, een 20-jarige jongen die sinds 22 februari 2019 vastzat, is door de rechtbank geschorst per 9 augustus 2018. Zijn zaak wordt op 22 november 2019 door de rechtbank behandeld. Hij staat terecht voor een tweetal inbraken en een levendige handel in gestolen goederen.

Tekst: Openbaar Ministerie